Mijn klaslokaal ontploft.
‘Wie denkt die man wel niet dat hij is?’ ‘Zoiets kun je toch niet meer zeggen?’. ‘Dit is victim blaming mevrouw!’
Beduusd kijk ik naar de studenten voor me. Het punt dat ik wilde maken – dat een observatie niet verward moet worden met een mening – gaat in rook op. Net als mijn LinkedIn tijdlijn gaat mijn klas met tweedejaars studenten helemaal los op de uitspraak van advocaat Gerard Spong. In de documentaire ‘Blauw ballen en andere verkrachtingsmythes’ van Sunny Bergman zegt Spong namelijk dat ‘vrouwen zich wel erg gemakkelijk laten verkrachten.’ Dat is nogal een uitspraak. Zeker als het zo emotieloos wordt gebracht. Want het is natuurlijk nooit de schuld van een vrouw (of man) dat zij of hij verkracht wordt.
Desondanks blijf ik na het college zitten met een ongemakkelijk gevoel. Want naast het feit dat het een onbeholpen uitspraak was, zou de opmerking van Spong ook een vaststelling van zaken kunnen zijn. Een observatie uit zijn beroepspraktijk. Een signaal, dat we nu, door de collectieve verontwaardiging, mislopen.
‘Hoe zit dat eigenlijk?’ vraag ik een van mijn studenten. ‘Hoeveel aandacht wordt er eigenlijk besteed aan seksuele weerbaarheid op de middelbare school?’
‘We hebben ooit wel iets gehad over het aangeven van grenzen, maar wat dat precies was weet ik niet meer,’ zegt ze en haalt haar schouders op.
‘Geen zelfverdediging of lessen over hoe je omgaat met vervelende mannen in de kroeg, of vriendjes die meer seks willen dan jij?’
‘Nee. Dat zeker niet.’
Ook de zestienjarige dochter van een vriendin ontkent dat ze training of gesprekken heeft gehad over hoe om te gaan met lastige situaties.
‘We hebben zelfs wel eens gevraagd aan onze docenten of we zelfverdedigingslessen konden krijgen, maar daar hebben we nooit meer iets van gehoord,’ vertelt ze.
Ik ben verbaasd. Blijkbaar ben ik er ten onrechte vanuit gegaan dat weerbaarheidsonderwijs sinds mijn eigen middelbare schooltijd verbeterd is. Sterker nog, als ik de dames zo hoor kom ik er met de drie armzalige zelfverdedigingslesjes die ze in de jaren ’90 gaven, nog goed vanaf.
Ondertussen neemt het ongenoegen op mijn tijdlijn toe. Er is een crowdfunding actie opgestart met de boodschap ‘Beste Gerard, het ligt niet aan de vrouwen’
Dat klopt, denk ik misnoegd, maar laten we niet net doen alsof er geen verschillende reacties bestaan. De manier waarop je reageert als iemand over je grenzen heen gaat kan wel degelijk een verschil maken.
Je reactie op de man naast je in de trein die plotseling zijn piemel tevoorschijn haalt en over je heen buigt. Op de jongeman in de kroeg die je opeens met je rug tegen de muur duwt en zijn hand onder je rok steekt. Op de huisgenoot die met een paar drankjes op plotseling de bandjes van je tanktop naar beneden trekt. Het vriendje dat zich, ondanks dat je steeds hebt herhaald dat je echt geen zin hebt, van geen ophouden weet.
Slechts een handjevol van de situaties die ik zelf heb meegemaakt en waarin ik lang niet altijd assertief heb gehandeld.
Dus in plaats van boos te worden over de uitspraak van Spong, ben ik eigenlijk vooral nieuwsgierig naar de redenen erachter. Op basis waarvan komt hij tot deze uitspraak? Zijn er meer mensen in zijn, of aanverwante beroepspraktijken, die dit signaleren? En, het belangrijkste, hoe weerbaar zijn onze meiden eigenlijk? En wat doen wij om dat te vergroten? Zouden we niet eigenlijk een crowdfunding moeten starten voor onderzoek dat leidt naar een antwoord op de vraag ‘Heeft Gerard gelijk?’
Want, laten we wel wezen, het is niet de vraag of je wel of niet in je leven iemand ontmoet die over je grenzen heen gaat. Het is de vraag wat jij gaat doen op het moment DAT er iemand over je grenzen heen gaat. Want dat het gaat gebeuren, is onvermijdelijk.
Hey Catharina, waarbij je het hebt over incidenten die overal kunnen gebeuren, ben ik het met je eens. Hoe bizar ook, mensen gaan over grenzen. Niet alleen mannen naar vrouwen, maar andersom ook. Waarom hoort dit erbij in de samenleving?
Wat wel blijkt uit onderzoeken is dat naast grensoverschrijdende gedrag, het misbruik plaatsvind binnen relationele sferen. Die trainer, leraar, opa, vader… Waarbij het vaak ook om een verschil in machtsmisbruik gaat. Je mag niets vertellen, het is ons geheim. Ze geloven je toch niet!
In deze gevallen is het nog lastiger om grenzen aan te geven. Helemaal als kind, waarbij je opkijkt tegen iemand die je hoorde te vertrouwen.
We moeten onze ogen hier niet voor sluiten. Zeker weerbaarheid vergroten, educatie geven over dit onderwerp. Want hoe vaak hoor ik wel niet vaag en slachtoffer “ja maar ik ben wel naar binnen gegaan”. Meiden die niet weten wat hun is overkomen, de kennis niet hebben. Veel slachtoffers hebben (nog) geen woorden voor wat hen is overkomen.
Laten we niet alleen de slachtoffers weerbaarder maken. Maar laten we ook vooral (mogelijke) plegers educatie geven. Zij zijn ergens net zo goed en slachtoffer (en dat uit mijn mond). Maar hoe vaak hoor je wel niet dat het iets is wat generationeel al langer speelt…..